1. Oogdruppels
Tegen glaucoom kunnen verschillende soorten oogdruppels worden
voorgeschreven, afzonderlijk of in combinatie. Deze hebben slechts
een werking gedurende 12 tot maximaal 24 uren en moeten dus voor
de rest van het leven worden gebruikt.
Sommige oogdruppels kunnen een nevenwerking hebben op het gemoed,
de bloedsomloop, de longfunctie of het hartritme.
Afhankelijk van hun samenstelling, verminderen deze oogdruppels
de afscheiding van het oogvocht of verbeteren de afvloeiing
ervan.
2. Tabletten
Wanneer geen voldoende daling van de verhoogde oogdruk verkregen
wordt door druppels, moeten in sommige gevallen tabletten worden
voorgeschreven.
Deze veroorzaken een verminderde aanmaak van het vocht
in het oog. Sommige van deze geneesmiddelen hebben echter een
nadelige invloed op de nierfunctie.
3. Laser
Sinds 1982 werd in de glaucoombehandeling de Argonlaser
geïntroduceerd. Met deze behandeling worden de poriën
geopend die instaan voor de afvoer van het oogvocht.
Deze behandeling is pijnloos, gebeurt in het kabinet van de arts
en wordt meestal in twee zittingen uitgevoerd, waarbij telkens
vijftig punten worden geplaatst. Met laserbehandeling kan een
operatie worden vermeden in 80% van de gevallen. Soms moet de
behandeling na één of twee jaar worden herhaald.
4. Operatie
Wanneer - spijts oogdruppels, tabletten en laser - de oogdruk
toch te hoog blijft, moet het oog worden geopereerd. Dit
gebeurt dan meestal onder plaatselijke verdoving en kan ambulant
gebeuren d.w.z. zonder verblijf in het ziekenhuis.
De laatste jaren werden de operatietechnieken sterk verbeterd
(gebruik van antimitotica) zodat het succespercentage van de ingreep
is toegenomen.